UBO-verklaring

UBO-verklaring

 

Eén van onze leden is enige tijd geleden benaderd door haar bank (in dit geval de RABO-bank) met het verzoek om een zogenaamde UBO-Verklaring in te vullen. Het kan zijn dat ook uw vereniging in de toekomst benaderd gaat worden door de bank waar uw vereniging cliënt is. Hier volgt alvast enige achtergrondinformatie.

Banken zijn verplicht vanuit de WFT ( Wet op het financieel toezicht) en WWFT (wet ter voorkoming van witwassen) hun klanten goed te kennen: wie zij zijn en voor welke doeleinden worden de bancaire diensten gebruikt?  Vanuit deze verplichting dient de bank te weten wie de zogenaamde UBO’s zijn van de rechtspersonen zoals verenigingen, stichtingen, besloten vennootschappen e.d. die bediend worden door de bank.

 

De afkorting ‘UBO’ staat voor ‘ultimate beneficial owner’, vrij vertaald: de uiteindelijke belanghebbende. Om te kunnen vaststellen wie de UBO’s zijn,  kán de bank gebruik maken van het UBO-Formulier. Maar dit is lang niet altijd nodig. In sommige gevallen mag de bank op basis van openbare stukken de UBO’s vast stellen, in sommige gevallen doet de bank dat middels een UBO- Formulier.

De Rabo-bank heeft te kennen gegeven dat de verenigingen niet uit eigen beweging een UBO- Formulier hoeven in te vullen. Zij geeft aan dat de vereniging hier een afwachtende houding kan innemen. De vereniging wordt niet verwacht op eigen initiatief contact op te nemen met de financiële instellingen, aangezien de verplichting inzake het vaststellen van de UBO’s bij deze instellingen ligt. Indien dit wél nodig is wordt vanuit de bank contact opgenomen met de verenging.

Henk Clevers, Secretaris KNZV-Limburg

 

Comments are closed.